De systematiek Hernieuwbare Energie voor Vervoer is één van de marktinstrumenten waar de NEa uitvoering aan geeft en toezicht op houdt. Maar er zijn andere onderwerpen en ontwikkelingen die u ook kunnen raken. Dit gaat om de wetgeving voor de omzetting van de Richtlijn hernieuwbare energie (RED3) voor vervoer, alsook ETS-2, ETS-zeevaart en ETS-luchtvaart, en de brandstofverordeningen voor zeevaart (FuelEU Maritime) en luchtvaart (ReFuelEU Aviation). Hieronder vindt u beknopte informatie, voor zover dat relevant is voor de jaarafsluiting.
Inwerkingtreding RED3: 2025 laatste jaarafsluiting HBE's
Op 1 januari 2026 treedt de wet- en regelgeving voor de omzetting van RED3 voor vervoer in werking. Deze is van toepassing voor leveringen van brandstoffen en hernieuwbare energie aan de Nederlandse markt die gedaan zijn vanaf deze datum. Dit betekent onder andere dat het huidige HBE-systeem (hernieuwbare brandstofeenheden) zal overgaan naar een ERE-systeem (emissiereductie-eenheden). Daarmee is de Jaarafsluiting Hernieuwbare Energie 2025 de laatste jaarafsluiting binnen het HBE-systeem.
Over de overgang naar het ERE-systeem heeft de NEa al diverse informatiebijeenkomsten georganiseerd. Verdere communicatie volgt op een later moment via de RED3 nieuwsbrief. Actuele informatie vindt u op de NEa webpagina Ontwikkelingen RED3 in Nederland.
Andere verplichtingen voor brandstofleveranciers
Wanneer uw bedrijf ook een verplichting heeft onder ETS-2 of ReFuelEU Aviation, zult u hierover apart informatie ontvangen van de NEa. De (communicatie over de) jaarafsluiting Hernieuwbare Energie voor Vervoer 2025 staat hier los van.
Parallel claimen van ingeboekte leveringen aan zeevaart en luchtvaart
Leveringen van vloeibare biobrandstoffen aan de zeevaart en luchtvaart die door brandstofleveranciers zijn ingeboekt in het REV om HBE’s te creëren, kunnen door hen of door de eindgebruikers van deze brandstoffen soms ook gebruikt worden voor het voldoen aan hun verplichting(en) onder andere regelgeving. Dit wordt parallel claimen genoemd.
Parellel claimen ETS Zeevaart en FuelEU Maritime
Brandstofleveranciers die hun afnemer(s) (scheepvaartmaatschappijen) de mogelijkheid willen bieden om de ingeboekte leveringen biobrandstoffen te gebruiken voor hun verplichting(en) onder ETS Zeevaart en/of FuelEU Maritime, hebben hier twee opties voor. Afhankelijk van de optie waarvoor gekozen wordt, moet de inboeker extra informatie opgeven bij de inboeking. Neem daarom eerst de informatie op deze NEa webpagina goed door als u leveringen vloeibare biobrandstoffen aan de zeevaart wil inboeken.
Meervoudig claimen ReFuelEU Aviation en parallel claimen ETS Luchtvaart
Brandstofleveranciers kunnen de door hen ingeboekte leveringen van vloeibare biobrandstoffen aan de luchtvaart ook inzetten voor het voldoen aan de ReFuelEU bijmengverplichting. Daarnaast kunnen brandstofleveranciers hun afnemer(s) (luchtvaartmaatschappijen) de mogelijkheid bieden om de geleverde biobrandstoffen te gebruiken voor hun verplichting(en) onder ETS Luchtvaart. Daar zijn twee opties voor: a) het uitschrijven van een Proof of Compliance (PoC), of b) de Nederlandse tijdelijke oplossing parallel claimen, waardoor één bewijs van duurzaamheid (PoS) door beide partijen gebruikt kan worden. Om in het REV de koppeling te maken tussen de levering van de brandstofleverancier en de luchtvaartmaatschappij die de brandstof afneemt, moet de inboeker extra informatie opgeven bij de inboeking. Neem daarom eerst de informatie op deze NEa webpagina goed door als u leveringen biobrandstoffen aan de luchtvaart wil inboeken.